Vier niveaus
In het mbo kies je voor een beroep of een sector waar je later in gaat werken. Daarvoor heb je vakkennis nodig. Bovendien moet je beschikken over praktijkervaring en beroepsvaardigheden. Die zijn per beroep verschillend. Daarom zijn er vier niveaus in het mbo.
| Niveau | Soort opleiding | Wat word je? | ||
| 1 | Assistentenopleiding | Assistent medewerker | ||
| 2 | Basisberoepsopleiding | Medewerker, bijvoorbeeld medewerker bij de veiling | ||
| 3 | Vakopleiding | Vakbekwaam medewerker, bijvoorbeeld afdelingsmanager Food | ||
| 4 | Middenkaderopleiding | Middenkaderfunctionaris of manager, bijvoorbeeld manager Natuur & Recreatie of operationeel Watermanager | ||
| 4 | Specialistenopleiding | Specialist, bijvoorbeeld dierenartsassistent |
De duur van je opleiding is afhankelijk van het gekozen niveau. Hoe hoger het niveau, hoe meer je moet weten en kunnen. Heb je op een bepaald niveau een diploma behaald, dan kun je direct gaan werken. Of je kunt doorstromen naar een hoger niveau of na niveau 4 zelfs naar het hbo.

