Floracollege

Gedragscode voor leerlingen en docenten

Iedereen dient zich binnen en buiten de school veilig te voelen. Daarom houden wij ons aan de
onderstaande gedragsregels. Iedereen in de school is op de hoogte van de gedragsregels en is het ermee
eens.
– Ik accepteer de ander en discrimineer niet
– Ik scheld niet en doe niet mee aan uitlachen en roddelen
– Ik blijf van een ander en de spullen van een ander af
– Als iemand mij hindert, vraag ik haar of hem daarmee te stoppen
– Als dat niet helpt, vraag ik een leraar om hulp
– Als er ruzie is, speel ik niet voor eigen rechter
– Ik bedreig niet, ik neem geen wapens en drugs mee
– Ik gebruik binnen en buiten de school geen geweld
– Ik help anderen om zich ook aan deze afspraken te houden

Antipest en -discriminatieprotocol

Pesten en discriminatie is een belangrijk punt van zorg op onze school. In eerste instantie is de mentor hierin degene die het probleem aanpakt. Om de mentor hierin te ondersteunen, en om duidelijkheid te verschaffen naar leerlingen toe is er een antipest-, en discriminatieprotocol opgesteld. Hierin staat aangegeven hoe we met deze problematiek omgaan binnen de school. Zowel de rol van de gepeste als de pester komen in de begeleiding naar voren. Hierbij staat het zo genoemde ‘herstelcontract’ centraal.

Procedure aanpak pesten/discriminatie

Indien leerlingen gepest worden op onze school ondernemen we de volgende concrete
stappen:

  • Docent, (mede)leerlingen, mentor of ouders signaleren en geven het door aan de
  • Mentor (of mentoren indien er leerlingen uit meerdere klassen bij betrokken zijn) organiseert een gesprek met pester(s), gepeste (n) en brengt de ouders van beide partijen altijd op de hoogte. Eventueel wordt er ook binnen de klas over gesproken. De gesprekken hebben altijd als doel het pestprobleem op te heffen.
  • Mentor licht de ouders in over de uitkomsten. Eventuele gemaakte afspraken worden doorgegeven aan docenten, intern begeleider, etc.

Indien de mentor er niet uitkomt, of indien het pestprobleem blijft voortduren, kan hij/zij de hulp inroepen van de intern begeleider.

De intern begeleider doorloopt de volgende stappen:
– bespreken wat er is voorgevallen (incidentgesprek) + afspreken van een peststop.
– Informeren van de teamleider, mentor en betrokken ouders.
– Herstelgesprek met pestkop(pen) + opstellen herstelcontract
– Ondersteunend gesprek met gepeste.
– Informeren teamleider, mentor en betrokken ouders.
– Indien nodig verdere begeleidende gesprekken met pester en gepeste. Deze gesprekken kunnen aanleiding vormen voor verdere doorverwijzing naar 3e-lijnszorg. Indien het pestprobleem blijft voortduren, wordt het probleem overgedragen aan de teamleider. Deze kan na evaluatie van de doorlopen procedure disciplinaire maatregelen treffen